“Groen”, roept je dochter die bij je achter op fiets zit. Met de slaap in de ogen, steek je de Singel over en schrikt van een luid gebel. Scheldend staat een plaatsgenoot vlak voor je: “Zie je die haaientanden niet? Dat betekent dat jij mij voorrang moet geven.”

Zulke discussies komen regelmatig voor. Op diverse kruisingen krijgen de fietsers bij verkeerslichten tegelijk groen. Van alle kanten komen de fietsers elkaar dan op de kruising tegen. Wie heeft er dan voorrang? We spreken erover met Mayk Thijssen, verkeersadviseur bij de politie en met Hans van Agteren, wethouder verkeer.

Mayk Thijssen: “De haaientanden gelden alleen als de verkeerslichten niet werken. Een verkeerslicht heeft juridisch een hogere status dan haaientanden. Dat gaat dus boven alle andere verkeersregels en -tekens. Als het licht groen is, mag je het kruispunt opfietsen.”

OK. Maar als ik ga fietsen, kom ik andere fietsers tegen. Wie mag er dan eerst?

Thijssen fronst: “De wet is hierin niet duidelijk. Zijn de verkeerstekens zoals de haaientanden nu van kracht, of gaat verkeer van rechts voor?”

Hans van Agteren: “Het ‘alle richtingen groen’ is een Enschedese uitvinding. Diverse steden hebben dit overgenomen. Samen met twee andere steden hebben wij aan onze minister Schulz van Infrastructuur en Milieu gevraagd om de wet te verduidelijken. Nu kunnen immers beide fietsers terecht beargumenteren dat ze voorrang hebben. De ene omdat hij van rechts komt en de andere omdat hij op de voorrangsweg zit.”

Helaas heeft het ministerie deze duidelijkheid niet willen geven. Mayk: “Als fietser moet je goed opletten wat de andere fietser doet”. Dat blijkt ook uit een uitspraak van de rechter. De laatste uitspraak hierover is dat beide weggebruikers elk voor 50% schuld hebben in het geval er een ongeluk gebeurt.

Het is dus Wild West op het kruispunt voor fietsers.

Van Agteren: “Zo zou ik het niet willen noemen. Alle richtingen tegelijk groen, het is een kwestie van geven en nemen”.